Lokaal bestuur Wezembeek-Oppem wilde de continuïteit in afdeling Grondgebiedzaken versterken. Tegelijk wilde het bestuur scherper sturen op prioriteiten, samenwerking en besluitvorming. Mondeaan Annik Somers nam die sleutelrol op. Ze bewaakte de dagelijkse werking en bouwde een helder kader uit voor overleg, voorbereiding en opvolging, met het meerjarenplan als stuurkader voor voortgang.
Annik, waarom vroeg Wezembeek-Oppem jou erbij?
Annik: “Het bestuur zocht zekerheid en continuïteit in deze sleutelrol. Ik kreeg een dubbele opdracht: stabiliteit brengen en structuur neerzetten. We maakten prioriteiten expliciet en we spraken af hoe we sneller en consistenter samenwerken.
Je wint veel wanneer je rollen, overlegmomenten en beslislijnen helder maakt. Zeker in een grote afdeling. Grondgebiedzaken bestaat hier uit gebouwen, publiek domein, omgeving, milieu en groen en de uitvoeringsdienst.”
Waarmee ging je eerst aan de slag?
“Ik startte met het werkritme. Veel mensen wilden vooruit. Dat lukt het best wanneer iedereen hetzelfde ritme volgt en dezelfde basisafspraken hanteert. Daarom zette ik samen met bestuur en team een duidelijke overlegstructuur neer.”
Wat bedoel je met ‘basisafspraken’?
“Heel praktische afspraken. Wanneer agenderen we iets op het college? Wie levert welke input? Welke timing respecteren we? En hoe bereiden we een gedragen en kwaliteitsvolle beslissing voor?
Die afspraken houden het gesprek scherp. Wat moeten we beslissen? Wat heeft het college nodig? Zo wordt de voorbereiding sterker en vermijd je dat mensen na een overleg met andere verwachtingen vertrekken.”
Welke rol speelde het strategische meerjarenplan in jouw opdracht?
“Het strategische meerjarenplan was onze kapstok. We gebruikten het als afsprakenkader tussen politiek en administratie. We koppelden ambities aan keuzes, en keuzes aan opvolging, zodat het plan ons echt stuurt.
Je wint er ook rust mee. We bundelden de verschillende projecten in een operationeel plan voor 2026. Zo maakten we de uitrol van het meerjarenplan concreet en konden we zien hoe haalbaar het was in de workload van de medewerkers. Mensen weten dus waar ze naartoe werken. Het bestuur kan consequenter sturen. En je creëert een gedeelde logica: we kiezen, we plannen, we volgen op en we sturen bij wanneer dat nodig is.”
Het bestuur wilde projectmatig werken. Hoe maakte je dat concreet?
“Ik vertaalde die ambitie naar een eenvoudige, gedeelde werkwijze. Per project maakten we het doel, de scope, het budget, de stappen en de beslismomenten expliciet. We bouwden dat stap voor stap op, zodat iedereen dezelfde taal spreekt.
Ik coachte en stuurde waar nodig. Ik bleef bewust weg uit de inhoudelijke details want mensen moeten zelf stappen durven zetten. Ik help hen door het kader helder te maken, richting te geven en te laten groeien in hun autonomie.”
Waar haal jij energie uit in zo’n opdracht?
“Ik krijg energie wanneer ik samen iets neerzet met het team, en dat het ook blijft werken. Ik merk dat het overleg scherper is, dat beslissingen beter landen en dat teams zelfstandiger doorwerken.”
Welke les neem je mee uit Wezembeek-Oppem?
“Je maakt vooruitgang wanneer je tegelijk inzet op kader en uitvoering. Zet afspraken neer, creëer ritme, maak keuzes scherp en volg ze consequent op. Dan kan je als bestuur ambitie waarmaken met kwaliteit en rust.”


